Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handenPlace4Law
Openbare bron · Rechtspraak.nl

Gepubliceerde uitspraken

Index van openbaar gepubliceerde uitspraken van de Rechtspraak, met het gerecht en de rechters en advocaten die in de uitspraak genoemd worden. Van elke zaak tonen we de metadata en de inhoudsindicatie; de volledige uitspraak lees je bij de bron.

45000uitspraken
3341rechters
Zoeken & filteren
Wis filters

Uitspraken met mr. M.I.J. Toonders

4 uitspraken · nieuwste eerst · pagina 1 van 1

Rechtbank Oost-Brabant27-08-2026

De rechtbank is van oordeel dat het college de omgevingsvergunning eerste fase voor het veranderen van een varkenshouderij heeft mogen verlenen. Er is geen sprake van één inrichting met een nabijgelegen agrarisch bedrijf en daarom kan niet worden geoordeeld dat om die reden de gevolgen ten aanzien van geur, ammoniak, endotoxines, fijnstof en geluid in het bestreden besluit zijn onderschat. Verder wordt de dichtstbijzijnde bedrijfswoning niet onaanvaardbaar blootgesteld aan endotoxinen. Het college heeft vergunninghoudster ook niet behoeven te verplichten tot het opstellen van een milieueffectrapport, omdat in het besluit toereikend is gemotiveerd waarom geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten zijn als gevolg van de voorgenomen activiteiten. De rechtbank is verder ten aanzien van de gestelde voorschriften voor de luchtwasser van oordeel dat inderdaad niet vaststaat dat met de vergunde luchtwasser en de hiervoor in de vergunning opgenomen maatregelen de ammoniakreductie waarvan in de toegepaste emissiefactoren wordt uitgegaan, wordt gehaald. Omdat het hier echter geen natuurvergunning betreft maar een omgevingsvergunning voor de activiteit milieu, er geen wijziging is van het vergunde en ook feitelijk aanwezige luchtwassysteem en van een toename van ammoniak ten opzichte van de bestaande situatie niet is gebleken, ziet de rechtbank hierin geen aanleiding voor een vernietiging van het bestreden besluit.

ECLI:NL:RBOBR:2026:6050Bekijk zaak
Raad van State05-08-2026

Bij besluit van 26 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Landerd het verzoek om een in twee fasen verleende omgevingsvergunning voor de activiteiten milieu en bouwen ten behoeve van het oprichten van een varkenshouderij aan de [locatie] in Zeeland (de varkenshouderij) in te trekken of te wijzigen, afgewezen. Deze zaak draait om een verzoek om de eerder verleende omgevingsvergunning van de varkenshouderij in te trekken of te wijzigen. [appellant A] is de exploitant van de varkenshouderij en maakt daarbij gebruik van een combiluchtwasser. Uit een onderzoek van de Wageningen University & Research (WUR) uit 2018 is gebleken dat combiluchtwassers een veel lager geurreductiepercentage hebben dan eerst werd aangenomen. Naar aanleiding van dit onderzoek is de Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) gewijzigd. Het geurreductiepercentage van de combiluchtwasser BWL 2009.12.V4 is verlaagd van 85% naar 45% en de bijbehorende geuremissiefactoren zijn verhoogd. Het college is ervan uitgegaan dat op twee adressen in de directe omgeving van de varkenshouderij een geurbelasting zal optreden van meer dan 30 odour units per m3 (Ou/m3) (berekend met het toen geldige model V-stacks 2010). Volgens de verzoekers moet de omgevingsvergunning van de varkenshouderij worden ingetrokken of gewijzigd, omdat deze hoge geurbelasting een ontoelaatbaar milieugevolg is.

ECLI:NL:RVS:2026:4569Bekijk zaak
Raad van State25-03-2026

Bij besluiten van 28 februari 2005 en 10 maart 2005 heeft het college van burgemeester en wethouders van Sint-Oedenrode (tegenwoordig: het college) aan [appellant sub 1] respectievelijk aan [appellant sub 2] aanlegvergunningen verleend voor het dempen en aanleggen van diverse sloten/watergangen en het egaliseren en draineren van diverse percelen gelegen nabij het Morgenstraatje en de Slophoosweg in Sint-Oedenrode. De rechtsvoorganger van het college heeft in 2005 aan [appellant sub 1] een aanlegvergunning verleend voor het dempen van diverse sloten en/of watergangen en het egaliseren en draineren van diverse percelen gelegen nabij het Morgenstraatje in Sint-Oedenrode. Verder heeft de rechtsvoorganger van het college in 2005 aan [appellant sub 2] een aanlegvergunning verleend voor het aanleggen en dempen van diverse sloten en/of watergangen ter plaatse van de percelen gelegen nabij de Slophoosweg in Sint-Oedenrode. Tegen deze vergunningen hebben BMF en Het Groene Hart diverse procedures gevoerd. Voor zover nu van belang, hebben deze procedures ertoe geleid dat de rechtbank de besluiten van 16 december 2021 heeft vernietigd en het college heeft opgedragen een nieuw besluit te nemen.

ECLI:NL:RVS:2026:1744Bekijk zaak
Rechtbank Oost-Brabant01-12-2020

De zaak gaat over een verzoek om intrekking of wijziging van een onherroepelijke omgevingsvergunning voor de bouw en het in gebruik nemen van een grote nieuwe veehouderij. Inmiddels zijn emissiefactoren in de Regeling geurhinder en veehouderij aangepast. Als de verwachte geurhinder wordt berekend met de nieuwe factoren, wordt niet voldaan aan de Wgv en is bij twee woningen in de buurt sprake van een geurbelasting rond 30 Odourunits. De rechtbank is van oordeel dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd wanneer sprake is van ontoelaatbare milieugevolgen. Verweerder moet hierbij de omstandigheden van het geval moet betrekken (de mate van overschrijding, het aantal geurgevoelige objecten waar de geurnorm uit de gemeentelijke geurverordening wordt overschreden, de achtergrondbelasting in het gebied, de recent algemeen aanvaarde milieutechnische inzichten en in dit geval de geurgebiedsvisie). Gelet op de onzekerheid over het werkelijke rendement van de luchtwasser is het nog te vroeg om te zeggen dat sprake is van een ontoelaatbaar milieugevolg met als automatische consequentie dat verweerder de omgevingsvergunning moet intrekken. Verweerder heeft verzuimd te beoordelen of de nieuwe Bref intensieve veehouderij (die is vastgesteld na de verlening van de omgevingsvergunning) kan leiden tot verdere beperking van de nadelige gevolgen voor het milieu. De rechtbank wijst in dit verband vooral op BBT conclusie 12 en de daarin vervatte aanbeveling om een geurbeheersplan op te stellen. Verweerder kan niet volstaan met de opmerking dat wordt voldaan aan de Wgv want dat is niet het geval. Verweerder had ook een streefwaarde kunnen opnemen. De onduidelijkheid in het land over het werkelijke rendement van de luchtwasser (zowel de luchtwasser bij vergunninghoudster als andere combiluchtwassers) geen excuus is om niets te doen. Het is goed om de omgevingsvergunning aan te vullen met een goede meetverplichting. De rechtbank doet een tussenuitspraak en biedt verweerder de mogelijkheid de gebreken te herstellen.

ECLI:NL:RBOBR:2020:5970Bekijk zaak

Deze index komt uit de open data van de Rechtspraak (uitspraken.rechtspraak.nl). Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd, met een link naar de volledige uitspraak bij de bron. Rechterspagina's zijn een registratie van publicaties, geen beoordeling. Klopt er iets niet?