ECLI:NL:RVS:2026:199
Raad van State · 14-01-2026 · zaaknummer 202402716/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 maart 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Zeist geweigerd om [appellante] een omgevingsvergunning te verlenen voor het realiseren van een uitweg bij de [locatie] in Zeist. [appellante] is eigenaresse van het perceel. Op het perceel staat een hoekwoning. Deze woning staat aan de buitenzijde van een rij met aaneengesloten rijtjeswoningen. Het college heeft de aanvraag van [appellante] om een omgevingsvergunning voor de uitweg geweigerd in het belang van ‘de bescherming van het uiterlijk aanzien van de omgeving’. Die weigeringsgrond staat in artikel 2:12, tweede lid, aanhef en onder c, van Algemene plaatselijke verordening Zeist 2017. In het ‘Beleid uitwegen gemeente Zeist’ (hierna: het uitwegenbeleid) heeft het college een nadere invulling gegeven aan die weigeringsgrond. Volgens het college is die weigeringsgrond van toepassing, omdat op het perceel geen auto naast of achter de hoekwoning kan worden geparkeerd. [appellante] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat het college de omgevingsvergunning heeft mogen weigeren op grond van artikel 2:12, tweede lid, aanhef en onder c, van de Apv, gelezen in samenhang met artikel 4, derde lid, aanhef en onder a, van het uitwegenbeleid.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
