ECLI:NL:RVS:2026:1790
Raad van State · 31-03-2026 · zaaknummer 202504237/1/A3 en 202504237/2/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 19 juni 2024 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van [verzoeker] voor een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen. [verzoeker] heeft op 8 mei 2024 bij de Nederlandse ambassade in Rabat een aanvraag ingediend voor een Nederlands paspoort. De minister heeft de aanvraag niet in behandeling genomen, omdat [verzoeker] niet (meer) in het bezit is van de Nederlandse nationaliteit. Op 1 april 2013 heeft [verzoeker] van rechtswege het Nederlanderschap verloren op grond van artikel 15, eerste lid, aanhef en onder c, van de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN). [verzoeker], die de Marokkaanse nationaliteit bezit, heeft als meerderjarige van 1 april 2003 tot en met 1 april 2013 onafgebroken zijn hoofdverblijf in Marokko gehad. De verjaringstermijn is niet gestuit. [verzoeker] stelt dat hij gedurende de tienjaarstermijn niet wist dat hij de Nederlandse nationaliteit bezat.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
