ECLI:NL:RVS:2025:5620
Raad van State · 19-11-2025 · zaaknummer 202301378/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 31 januari 2023 heeft het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem opnieuw het bezwaar van [appellant] ongegrond verklaard. [partij] exploiteert aan de [locatie] in Doetinchem een veehouderij. [appellant] woont in de omgeving van de veehouderij. Bij het besluit van 8 juni 2020 heeft het college het verzoek om handhaving van [appellant] met betrekking tot het houden van dieren en het opslaan, gescheiden houden of verwerken van mest in strijd met het bestemmingsplan op de veehouderij afgewezen. Bij het besluit van 29 oktober 2020 heeft het college de afwijzing van het verzoek om handhaving in stand gelaten. Bij de uitspraak van 27 januari 2022 in zaak nr. 20/6374, heeft de rechtbank Gelderland het daartegen door [appellant] ingestelde beroep ongegrond verklaard. Bij de uitspraak van 7 december 2022, ECLI:NL:RVS:2022:3623, heeft de Afdeling het door [appellant] daartegen ingestelde hoger beroep gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank Gelderland van 27 januari 2022 vernietigd en het besluit van 29 oktober 2020 vernietigd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Doetinchem
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
