ECLI:NL:RVS:2025:403
Raad van State · 05-02-2025 · zaaknummer 202302183/1/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 12 december 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Brummen het verzoek van [appellanten] om handhavend op te treden tegen de erfafscheiding op het perceel aan de [locatie 1] in Hall afgewezen. [appellanten] wonen aan de [locatie 2] in Hall. Daarnaast ligt het perceel van de buren aan de [locatie 1]. Op het perceel staat een woning met een dakoverstek. Als erfafscheiding tussen [locatie 2] en het perceel staat een schutting. De schutting staat volledig op het perceel. [appellanten] hebben het college gevraagd om handhavend op te treden tegen de schutting, omdat een deel ervan zonder de volgens hen benodigde omgevingsvergunning is geplaatst omdat die hoger is dan 1 m. Het college heeft dat verzoek afgewezen. Volgens het college was de schutting vergunningvrij en was er geen overtreding van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo. Bij uitspraak van 13 november 2020 heeft de rechtbank geoordeeld dat het standpunt van het college onjuist is. Ook heeft de rechtbank het college opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
