ECLI:NL:RVS:2025:3552
Raad van State · 30-07-2025 · zaaknummer 202406230/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 13 juli 2020 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg een aanvraag van [appellant] om een tegemoetkoming in planschade afgewezen. [appellant] woont aan de [locatie] in [woonplaats]. Hij heeft bij het college een aanvraag om een tegemoetkoming in schade als bedoeld in artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening ingediend. Deze aanvraag houdt verband met het Provinciaal Inpassingsplan Buitenring Parkstad Limburg 2012 dat op 11 maart 2015 in werking is getreden. De schade bestaat volgens [appellant] uit waardevermindering per peildatum van zijn woning en het betreffende perceel. De onroerende zaak ligt op een afstand van ongeveer 400 meter van de inmiddels gerealiseerde Buitenring Parkstad Limburg. Het college heeft de aanvraag afgewezen en deze afwijzing in bezwaar gehandhaafd. De nog van belang zijnde reden hiervoor is volgens het college dat de waardevermindering van de onroerende zaak volledig onder het normale maatschappelijke risico valt, waarbij het college is uitgegaan van een drempel van 3% van de waarde van de onroerende zaak op de peildatum onder het oude planologische regime.
Advocaten
- L. van Nieuwenhuizen
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
