ECLI:NL:RVS:2025:35
Raad van State · 08-01-2025 · zaaknummer 202303783/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 16 juli 2019 heeft de burgemeester van Land van Cuijk het verzoek om handhaving van [appellant] afgewezen. [appellant] heeft de burgemeester verzocht om handhaving door overlast van blaffende honden op het adres [locatie 1] in Boxmeer. [appellant] woont op een afstand van ongeveer 50 meter van dit adres. De burgemeester heeft op basis van verschillende onderzoeken dit verzoek afgewezen, omdat niet is gebleken van ernstige en herhaaldelijke hinder als bedoeld in artikel 2:79 van de Algemene plaatselijke verordening Boxmeer 2019. [appellant] betoogt dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de burgemeester zijn handhavingsverzoek terecht heeft afgewezen. Hij voert hiervoor aan dat wel sprake is van ernstige en herhaaldelijke hinder, omdat hij vier dagen op rij, te weten 26 tot en met 29 mei 2023, overlast ervaarde. Verder heeft de rechtbank ten onrechte geoordeeld dat niet is gebleken van andere klachten dan van [appellant]. In het nadere stuk van 12 oktober 2023 heeft [appellant] een klacht van een omwonende, [omwonende], wonend op de [locatie 2], gevoegd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
