ECLI:NL:RVS:2025:3246
Raad van State · 16-07-2025 · zaaknummer 202303330/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 december 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van Haarlemmermeer een aanvraag van [appellant] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellant] huurde sinds oktober 2014 een kamer in een woning in Nieuw-Vennep. Op 22 juli 2021 heeft de verhuurder samen met derden de woning betreden en [appellant] en zijn huisgenoten uit de woning gezet. Omdat [appellant] toen dakloos was heeft hij eind juli 2021 een urgentieverklaring aangevraagd. Hij woont sinds 25 augustus 2021 in een kamer in [plaats]. Tijdens het urgentiegesprek op 26 augustus 2021 heeft [appellant] aangegeven dat hij een kamer had gevonden in [plaats]. Op 13 september 2021 is zijn aanvraag besproken in de urgentiecommissie. De urgentiecommissie heeft besloten om medisch advies te vragen. Een arts van Argonaut heeft in de adviesrapportage van 23 november 2021 geconcludeerd dat de huidige woonsituatie in de kamer in [plaats] voor [appellant] geen acute bedreiging voor zijn gezondheid vormt en dat een verhuizing op korte termijn voor hem medisch niet noodzakelijk is. Het college heeft de aanvraag afgewezen. Met het bestreden besluit van 2 september 2022 is het college bij die afwijzing gebleven.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
