ECLI:NL:RVS:2025:323
Raad van State · 29-01-2025 · zaaknummer 202400959/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 juni 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Duiven geweigerd handhavend op te treden tegen een bouwwerk op het perceel [locatie 1] in Duiven. Op het perceel [locatie 1] van [partij] zijn een schutting en een bouwwerk dat door hem als pergola wordt aangeduid gebouwd. [appellante] woont op het naastgelegen perceel [locatie 2]. Zij heeft het college verzocht om handhavend op te treden tegen het bouwwerk op het perceel, omdat er volgens haar sprake is van een overtreding van artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo, omdat het bouwwerk volgens haar onderdeel uitmaakt van de erfafscheiding. Het college heeft zich op het standpunt gesteld dat het bouwwerk geen onderdeel uitmaakt van de erfafscheiding en moet worden aangemerkt als tuinmeubilair als bedoeld in artikel 2, aanhef en onderdeel 10, van bijlage II van het Besluit omgevingsrecht. Dit betekent volgens het college dat het niet bevoegd is handhavend op te treden tegen het bouwwerk, omdat het bouwwerk lager is dan 2,50 m en dan ook omgevingsvergunningvrij kan worden gebouwd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
