ECLI:NL:RVS:2025:2828
Raad van State · 25-06-2025 · zaaknummer 202302209/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij verschillende besluiten heeft de RDW aan [bedrijf] betalingsverplichtingen opgelegd voor 24 voertuigen. Bij besluit van 15 juni 2020 heeft de RDW de door [bedrijf] daartegen gemaakte bezwaren, voor zover gericht tegen die betalingsverplichtingen, ongegrond verklaard en voor het overige niet-ontvankelijk. [appellant] heeft in het hogerberoepschrift verklaard dat hoger beroep wordt ingesteld namens [bedrijf]. [appellant] heeft daarbij geen toereikende machtiging overgelegd. Kort voor de zitting van de Afdeling heeft hij schriftelijk laten weten zich terug te trekken als gemachtigde van [bedrijf]. De Afdeling heeft de behandeling van de zaak aangehouden en [bedrijf] bij aangetekend verzonden brief van 31 maart 2025 verzocht om binnen vier weken na dagtekening van deze brief schriftelijk kenbaar te maken of zij de procedure wenst voort te zetten en het hogerberoepschrift voor haar rekening neemt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
