ECLI:NL:RVS:2025:2634
Raad van State · 11-06-2025 · zaaknummer 202500164/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 28 februari 2024 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven een aanvraag van [appellante] om een uitkering uit het Schadefonds Geweldsmisdrijven afgewezen. [appellante] heeft op 13 oktober 2023 een uitkering uit het schadefonds aangevraagd. Daarbij heeft zij toegelicht dat zij regelmatig door haar toenmalige partner is geslagen en geschopt. Daaraan heeft zij onder meer blauwe plekken, kneuzingen en oogletsel overgehouden. Ook is zij daardoor depressief en angstig. De CSG heeft bij besluit van 28 februari 2024, gehandhaafd bij besluit van 11 juni 2024, de aanvraag afgewezen. De CSG vindt het weliswaar aannemelijk dat [appellante] in de opgegeven periode slachtoffer is geweest van meerdere mishandelingen, maar beschikt over onvoldoende objectieve aanwijzingen om aan te nemen dat deze mishandelingen ook stelselmatig plaatsvonden. Het letsel dat [appellante] aan de mishandelingen heeft overgehouden kan de CSG niet aanmerken als ernstig letsel.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
