ECLI:NL:RVS:2025:2632
Raad van State · 11-06-2025 · zaaknummer 202305516/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 10 juni 2022 heeft het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen het verzoek van [appellant] om schadevergoeding afgewezen. Naar aanleiding van een mededeling als bedoeld in artikel 130, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994, heeft het CBR bij besluit van 20 december 2021, gehandhaafd bij besluit van 25 april 2022, [appellant] een onderzoek naar de rijgeschiktheid opgelegd. [appellant] heeft daartegen geen rechtsmiddel aangewend. Aan de mededeling is ten grondslag gelegd dat [appellant] heeft geweigerd om mee te werken aan een ademonderzoek naar het alcoholgehalte in zijn adem, zoals bedoeld in artikel 8, tweede lid, van de Wvw 1994. In het tegen [appellant] opgemaakte proces-verbaal rijden onder invloed van 28 november 2021 is opgenomen dat de aanleiding voor de vordering tot medewerking aan een voorlopig ademonderzoek eruit bestond dat één van de verbalisanten [appellant] als bestuurder van een Volkswagen Golf met het kenteken […] om 16:13 uur heeft zien rijden op de openbare weg, dat er meerdere meldingen van passanten waren die zagen dat de bestuurder slingerend reed en dat een passant zag dat de bestuurder alcohol achter het stuur dronk.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
