ECLI:NL:RVS:2025:2623
Raad van State · 11-06-2025 · zaaknummer 202204971/2/R3
Inhoudsindicatie
Bij tussenuitspraak van 18 september 2024, ECLI:NL:RVS:2024:3752, heeft de Afdeling de raad van de gemeente Hoeksche Waard opgedragen om binnen 16 weken na verzending van de tussenuitspraak het daarin omschreven gebrek in het besluit van 5 juli 2022 tot vaststelling van het bestemmingsplan "Hofstraat Westmaas" te herstellen. Bij besluit van 26 november 2024 heeft de raad, ter uitvoering van de tussenuitspraak, het bestemmingsplan gewijzigd vastgesteld. De Afdeling heeft in de tussenuitspraak, onder 8.2, geoordeeld dat de realisatie en instandhouding van de door de raad beoogde uitzichtplaats, die uitzicht biedt op het meer vanaf het schiereiland aan de westoever van de Binnenbedijkte Maas niet in artikel 6.4 of elders in de planregels was geborgd. Artikel 6.4 kan namelijk niet als een voorwaardelijke verplichting worden beschouwd, omdat er geen voorwaarde wordt genoemd die de verplichting in werking stelt.
Rechters
Advocaten
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
de gemeente Hoeksche Waard
verweerder · overheid
Overheidspartijen
de gemeente Hoeksche Waard
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
