ECLI:NL:RVS:2025:24
Raad van State · 15-01-2025 · zaaknummer 202207472/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij brief van 19 april 2022 heeft de deken van de Amsterdamse Orde van Advocaten het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden afgewezen. [appellant] heeft bij brief van 17 januari 2022 de deken verzocht een onderzoek uit te voeren naar de gang van zaken rond het niet afgeven van een stageverklaring aan hem. Dit handhavingsverzoek is door de deken afgewezen, omdat het verzoek ziet op handelen van de [mentor] en de deken en niet op de voormalig patroon van [appellant], [partij]. Om deze reden valt het handhavingsverzoek niet onder artikel 45g van de Advocatenwet en is er geen bestuursrechtelijke handhaving mogelijk. Evenmin is volgens de deken gebleken van een tuchtrechtelijke overtreding. Het bezwaar is niet-ontvankelijk verklaard, omdat het handhavingsverzoek geen betrekking heeft op bepalingen van de Verordening op de advocatuur die bestuursrechtelijk kunnen worden gehandhaafd. Er kan dus geen bezwaar tegen worden gemaakt.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
