ECLI:NL:RVS:2025:2319
Raad van State · 21-05-2025 · zaaknummer 202306608/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 30 maart 2021 heeft het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland het verzoek van [wederpartij] om een tegemoetkoming in door hem geleden planschade afgewezen. Bij brief van 19 mei 2020 heeft [wederpartij] het college verzocht om een tegemoetkoming in planschade die hij stelt te hebben geleden als gevolg van het provinciaal inpassingsplan "Windpark Spui", dat op 7 november 2016 in werking is getreden en op 17 januari 2018 onherroepelijk is geworden. Met dit plan is de oprichting van windpark Spui, bestaande uit vijf in een lijnopstelling staande windturbines, mogelijk gemaakt langs het Spui, ten oosten van Nieuw-Beijerland en ten noorden van Piershil. De maximale bouwhoogte van de windturbines is 140 meter en de rotordiameter is maximaal 136 meter (de tiphoogte is dus maximaal 208 meter). De dichtstbijzijnde windturbine is gelegen op circa 525 meter van de woning. Volgens [wederpartij] leidt het windpark tot geluidhinder, slagschaduw en lichtschittering in zijn woning. Bovendien worden het uitzicht en de situeringswaarde van zijn woning aangetast door het windpark. De omvang van de geleden planschade is volgens [wederpartij] € 35.000,-.
Advocaten
- H.J. den Boef
- L.A. Vos
- M.S. van der Hoek
- R. Surie
- W. de Jager
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
