ECLI:NL:RVS:2025:218
Raad van State · 22-01-2025 · zaaknummer 202405753/1/A2
Inhoudsindicatie
[appellant] heeft in een e-mailbericht van 12 januari 2024 schriftelijke vragen gesteld over de praktijkovereenkomst aan de voor zijn opleidingen verantwoordelijke domeinleider van het Da Vinci College, onderdeel van de stichting ROC Zuid-Holland-Zuid. [appellant] heeft per e-mail van 12 januari 2024 schriftelijke vragen gesteld over de POK aan de domeinleider. De domeinleider heeft hem aangeboden om deze vragen tijdens een gesprek te beantwoorden. [appellant] heeft dit aanbod afgewezen omdat hij een schriftelijke beantwoording van zijn vragen wenste. De domeinleider heeft vanwege de complexiteit en hoeveelheid van de vragen geweigerd om een schriftelijke reactie te geven. Daarom heeft [appellant] op 6 september 2024 beroep ingesteld. Het CvB ziet bovendien geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling, omdat de domeinleider eerder al aan [appellant] had aangeboden om zijn vragen mondeling te beantwoorden.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
