ECLI:NL:RVS:2025:2178
Raad van State · 14-05-2025 · zaaknummer 202307225/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 28 april 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam aan [vergunninghouder] een vergunning verleend voor kamerbewoning voor maximaal zes personen op het adres [locatie 1] in Rotterdam. [vergunninghouder] was de eigenaar van de woning en heeft op 21 april 2020 een vergunning aangevraagd voor kamerbewoning voor maximaal zes personen. Het ging hierbij om legalisatie van een bestaande situatie. Het college heeft deze vergunning verleend. [wederpartij] woont op het adres [locatie 2] en heeft in bezwaar aangevoerd dat zij en andere buren veel overlast hebben van de huurders. Het college heeft bij besluit van 2 februari 2021 de vergunningverlening gehandhaafd. Op 29 juni 2021 is de eigendom van de woning overgegaan op Sara Maria Beheer B.V. De rechtbank heeft geoordeeld dat onvoldoende vast staat dat de kamerbewoning een positieve invloed heeft op het woonmilieu en de leefbaarheid in de buurt als bedoeld in artikel 3.2.5, aanhef en onder b, van de Verordening.
Rechters
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
