ECLI:NL:RVS:2025:2120
Raad van State · 14-05-2025 · zaaknummer 202303278/2/A3 en 202303388/2/A3
Inhoudsindicatie
Bij brieven, ingekomen op 14 februari 2025, hebben [verzoekers] verzocht om wraking van staatsraad mr. C.C.W. Lange (hierna: de staatsraad) als lid van de enkelvoudige kamer van de Afdeling belast met de behandeling van zaken nrs. 202303278/1/A3 en 202303388/1/A3. [verzoekers] hebben aan de verzoeken om wraking ten grondslag gelegd dat de staatsraad, door een aantal procedurele beslissingen en de gang van zaken op de achtereenvolgende zittingen op 12 februari 2025, bij hen de indruk heeft gewekt vooringenomen te zijn. Zij betogen, samengevat, dat de staatsraad het verzoek om voeging van beide zaken minder dan een maand voor de zittingen heeft afgewezen, terwijl zij dit verzoek al in augustus 2024 hadden ingediend. Ook heeft de staatsraad geweigerd om twee producties, die zij op 2 februari 2025 hebben ingediend, aan het dossier toe te voegen. En zij heeft het verzoek om beide zaken aan een andere staatsraad toe te wijzen afgewezen, terwijl dit uit het oogpunt van procesefficiency beter was geweest.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
