ECLI:NL:RVS:2025:1996
Raad van State · 07-05-2025 · zaaknummer 202204904/1/V3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 27 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van appellant om haar een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd te verlenen, afgewezen. Ook heeft hij geweigerd appellant ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen. Appellant heeft de Nigeriaanse nationaliteit. Zij heeft onder andere aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij Nigeria is ontvlucht, omdat zij daar ritueel zal worden geofferd. De minister acht dit niet geloofwaardig. Verder vreest appellant bij terugkeer te worden gedood door een mensenhandelaar, met wiens hulp zij Nigeria is ontvlucht en naar Europa is gebracht. De minister van Asiel en Migratie acht geloofwaardig dat appellant slachtoffer is geworden van mensenhandel en een resterende geldschuld heeft bij de mensenhandelaar. Desondanks heeft zij de aanvraag afgewezen. Volgens de minister heeft appellant namelijk niet aannemelijk gemaakt dat zij bij terugkeer naar Nigeria een reëel risico loopt op ernstige schade door represailles van mensenhandelaren.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
