ECLI:NL:RVS:2025:1177
Raad van State · 19-03-2025 · zaaknummer 202203599/1/V2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 augustus 2021 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid de aan de vreemdeling verleende verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd ingetrokken en hem ambtshalve krachtens artikel 64 van de Vw 2000 uitstel van vertrek verleend. Ook heeft hij geweigerd de vreemdeling ambtshalve een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd te verlenen. De vreemdeling is geboren op [geboortedatum] 1981 en heeft de Iraanse nationaliteit. De minister gaf hem op 4 oktober 2006 subsidiaire bescherming voor bepaalde tijd op grond van artikel 29, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000. Op 8 maart 2007 kreeg de vreemdeling een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd. Omdat de vreemdeling verschillende keren onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van misdrijven, waaronder vernieling, mishandeling, bedreiging, poging zware mishandeling en poging doodslag, heeft de minister op 5 augustus 2021 zijn verblijfsvergunning ingetrokken. De minister stelt dat de vreemdeling een gevaar is voor de samenleving, omdat hij definitief is veroordeeld voor een bijzonder ernstig misdrijf.
Rechters
Advocaten
- I. Vreeken
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
