ECLI:NL:RVS:2025:116
Raad van State · 15-01-2025 · zaaknummer 202401077/1/V6
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 14 maart 2022 heeft de minister van Buitenlandse Zaken een aanvraag van appellanten om op enige wijze hun overkomst naar Nederland te faciliteren, afgewezen. Appellanten hebben de Afghaanse nationaliteit en verblijven in Afghanistan. Zij bestaan uit [appellant], zijn echtgenote en hun kinderen. Op 10 augustus 2021 heeft [appellant] de minister gevraagd om hem en zijn gezin naar Nederland over te brengen. [appellant] stelt dat het bedrijf [naam bedrijf] (hierna: het bedrijf) tussen 2009 en 2011 de primaire aannemer was voor de bouw van een gevangenis in Tarin Kowt in de provincie Uruzgan, Afghanistan. In die gevangenis hebben ook Talibanstrijders opgesloten gezeten. Zijn vader was de eigenaar van het bedrijf en hij de vicepresident. De Staat der Nederlanden, vertegenwoordigd door de minister, was de opdrachtgever van het bouwproject. De minister heeft de aanvraag afgewezen. Appellanten hebben tijdens de acute evacuatiefase namelijk geen oproep gekregen om naar het vliegveld van Kabul te komen voor evacuatie.
Rechters
Advocaten
- F. Hashi
- M.M. van Asperen
- M.N. Haidari
- S. Oukil
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
