ECLI:NL:RVS:2025:1135
Raad van State · 19-03-2025 · zaaknummer 202400749/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 3 mei 2021 heeft de Dienst Toeslagen de kinderopvangtoeslag voor [appellante] over het jaar 2019 herzien en definitief vastgesteld op € 25.220,00. Daarnaast zijn de te veel betaalde voorschotten teruggevorderd, in totaal een bedrag van € 8.049,00. Bij besluit van 27 december 2018 heeft de Dienst Toeslagen het voorschot kinderopvangtoeslag over het jaar 2019 voor [appellante] vastgesteld op € 34.040,00. Bij besluit van 21 november 2019 heeft de dienst het voorschot herzien naar € 33.084,00. Op 3 mei 2021 heeft de dienst de kinderopvangtoeslag over 2019 definitief vastgesteld op € 25.220,00 en € 8.049,00 van [appellante] teruggevorderd. Volgens de Dienst Toeslagen heeft [appellante] te veel voorschot ontvangen, omdat het aantal werkelijk afgenomen uren kinderopvang over 2019 afwijkt van het aantal uren kinderopvang waarmee het voorschot is berekend. De rechtbank heeft geoordeeld dat de Dienst Toeslagen op goede gronden het recht van [appellante] op kinderopvangtoeslag over het jaar 2019 definitief heeft vastgesteld op € 25.220,00 en gelet daarop ook terecht een bedrag van € 8.049,00 heeft teruggevorderd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
