ECLI:NL:RVS:2024:613
Raad van State · 14-02-2024 · zaaknummer 202103835/1/A2
Inhoudsindicatie
[verzoeker] heeft de rechtbank op 24 juli 2020 verzocht om de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, op grond van art. 8:88, eerste lid, van de Awb, te veroordelen tot vergoeding van schade. [verzoeker] stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 2002 en de Guinese nationaliteit te hebben. [verzoeker] stelt immateriële en materiële schade te hebben geleden, omdat de staatssecretaris te lang heeft getalmd gevolgen te verbinden aan het feit dat hij [verzoeker] blijkens de uitspraak van de rechtbank van 31 augustus 2019 tijdens de asielprocedure ten onrechte als meerderjarige heeft aangemerkt. Hierdoor had [verzoeker] geen toegang tot specifieke voorzieningen voor minderjarigen, zoals onderwijs en speciale opvang en begeleiding voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen. Uit de uitspraak van de rechtbank van 31 augustus 2018 volgt dat de staatssecretaris jegens [verzoeker] onrechtmatig heeft gehandeld door hem in de periode van 15 maart 2018 tot 12 november 2019 als meerderjarig te beschouwen.
Advocaten
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
