ECLI:NL:RVS:2024:4377
Raad van State · 30-10-2024 · zaaknummer 202305520/1/R2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 november 2021 heeft het college verzoeken om handhaving van [appellante sub 2] die zien op de percelen aan de [locatie 1] en [locatie 2] in Liempde afgewezen. De familie [appellant sub 1] woont aan de [locatie 1]-[locatie 2] in Liempde. Daar staat een woonboerderij die in het verleden is gesplitst in twee woningen. [appellant sub 1] en [partij] wonen op nummer [locatie 2] en [partij A] en [partij B] op nummer [locatie 1]. [vader] heeft de percelen in 1997 aangekocht en naderhand aan zijn dochters verkocht. In het achtererfgebied van de woonboerderij bevinden zich onder meer een mantelzorgwoning in aanbouw op het perceel met nummer 706 en een prieel op het perceel met nummer 707 (hierna: bouwwerk F). Op het perceel met nummer 704 was een aantal paardenbakken aanwezig. Op het perceel met nummer 705 bevond zich een terreinverharding van 170 m², die vanaf de openbare weg naar de mantelzorgwoning liep.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
