ECLI:NL:RVS:2024:4371
Raad van State · 30-10-2024 · zaaknummer 202303192/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 7 oktober 2020 (primair besluit I) heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag de aanvraag van [appellante] om een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op grond van sociaal-medische indicatie afgewezen. appellante] is een alleenstaande moeder van twee kinderen. [appellante] heeft op 20 september 2020 een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie ten behoeve van de opvang van één van haar kinderen. Ten aanzien van het primaire besluit van 7 oktober 2020 heeft [appellante] in bezwaar aangevoerd dat het college haar in de gelegenheid had moeten stellen om de aanvraag aan te vullen. Het college heeft dit bezwaar gegrond verklaard, omdat de voorzieningenrechter van de rechtbank [appellante] alsnog in de gelegenheid gesteld heeft om de benodigde informatie aan te leveren, en [appellante] deze gegevens heeft aangeleverd. Het bezwaar dat gericht is tegen het besluit van 16 december 2020 richtte zich tegen de toegekende drie dagen aan kinderopvangtoeslag.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
