ECLI:NL:RVS:2024:4084
Raad van State · 09-10-2024 · zaaknummer 202303019/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 januari 2022 heeft het college van burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug het verzoek van [appellant] om handhavend op te treden, afgewezen. Op 10 december 2021 heeft [appellant] het college verzocht om op grond van artikel 5:11, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening Utrechtse Heuvelrug handhavend op te treden tegen het parkeren met auto’s op de strook aan de Kapelweg, schuin links tegenover de woning van [appellant]. [appellant] verzoekt om handhaving, omdat het volgens de APV verboden is om te parkeren in een groenstrook en hij van mening is dat de strook aan de Kapelweg als groenstrook moet worden gezien. Hij observeert dat vaak op deze strook geparkeerd wordt, onder meer door de bewoners van [locatie 1] en [locatie 2]. Het college heeft het verzoek tot handhaving afgewezen. Het college is van mening dat er geen sprake is van een overtreding van artikel 5:11, eerste lid, van de APV omdat de strook schuin tegenover de woning van [appellant] niet als groenstrook, maar als berm moet worden aangemerkt, waarin wel geparkeerd mag worden.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
