ECLI:NL:RVS:2024:3124
Raad van State · 31-07-2024 · zaaknummer 202201265/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 januari 2019 heeft de minister van Buitenlandse Zaken de aanvraag van [appellante] om een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen. [appellante] is geboren op [geboortedatum] 1975 en heeft de Marokkaanse nationaliteit. In 2001 heeft zij bij Koninklijk Besluit de Nederlandse nationaliteit gekregen. In 2002 heeft [appellante] een religieus huwelijk gesloten met een persoon die de Saoedische nationaliteit bezit. Dit huwelijk is niet bij de Nederlandse burgerlijke stand geregistreerd. Op 22 september 2006 is in een Saoedische krant gepubliceerd dat [appellante] de Saoedische nationaliteit heeft verkregen. Hierdoor is zij het Nederlanderschap van rechtswege verloren. De minister heeft een op 9 december 2018 door [appellante] ingediende aanvraag om een Nederlands paspoort niet in behandeling genomen, omdat zij niet langer de Nederlandse nationaliteit heeft. In hoger beroep is aan de orde of het verlies van het Nederlanderschap en dus ook haar Unieburgerschap evenredig is.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
