ECLI:NL:RVS:2024:2594
Raad van State · 26-06-2024 · zaaknummer 202105643/1/R2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 4 oktober 2018 heeft het college van burgemeester en wethouders van Meerssen aan [bedrijf] een last onder dwangsom opgelegd vanwege geurhinder en geluidhinder. [appellant] exploiteert het bedrijf [bedrijf] aan de [locatie] in Meerssen. [bedrijf] produceert hondenvoer. Om dit vers te houden staat op het perceel een koel-/vriescel die geluid produceert. [partij A] en [partij B] zijn omwonenden van het bedrijf en ervaren geur- en geluidsoverlast van het bedrijf en hebben het college verzocht handhavend tegen [bedrijf] op te treden. Het college is naar aanleiding van de verzoeken overgegaan tot handhaving en heeft met een last onder dwangsom [bedrijf] de gelegenheid geboden de overtreding van de geur- en geluidhinder binnen zes weken te beëindigen en beëindigd te houden. In het besluit op het bezwaar heeft het college het bezwaar van [bedrijf] ongegrond verklaard. [bedrijf] heeft hiertegen beroep ingesteld. De invorderingsbeschikkingen van 24 januari 2020 en 16 juni 2020 zijn op grond van artikel 5:39 van de Algemene wet bestuursrecht ook door de rechtbank behandeld.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
