ECLI:NL:RVS:2024:2586
Raad van State · 26-06-2024 · zaaknummer 202105614/1/R2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 12 oktober 2016 heeft het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal aan [appellanten] opgedragen het tuinhuis op het achtererf van het perceel [locatie] in Veenendaal binnen 8 weken te verwijderen en verwijderd te houden, dan wel terug te brengen naar een staat zodat het voldoet aan de regels van vergunningvrij bouwen. [appellanten] wonen aan de [locatie] in Veenendaal. Zij hebben in hun tuin een tuinhuis gebouwd. Bij een controle heeft het college geconstateerd dat dit tuinhuis ten onrechte zonder omgevingsvergunning is gebouwd. De goothoogte, nokhoogte en de totale oppervlakte van de bijgebouwen op het perceel voldoen namelijk niet aan de vereisten van vergunningvrij bouwen. Het college heeft daarom een zogenoemde ‘last onder dwangsom’ opgelegd. Deze houdt in dat [appellanten] de overtreding binnen acht weken ongedaan moeten maken. Bij een volgende controle heeft het college geconstateerd dat zij niet aan de last hebben voldaan en heeft het college de verbeurde dwangsom ingevorderd. De Afdeling heeft eerder al een tussenuitspraak en een einduitspraak gedaan.
Rechters
Advocaten
- H.A. Stam
- J.J. Eizenga
- M.E. Horseling
- S. Bontan-van der Geer
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
