ECLI:NL:RVS:2024:239
Raad van State · 24-01-2024 · zaaknummer 202300367/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij uitspraak van 9 december 2022 heeft de rechtbank zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van het verzoek om schadevergoeding als bedoeld in artikel 8:88, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht van [appellant]. Tegen deze uitspraak heeft [appellant] hoger beroep ingesteld. Het bestuur van de raad voor rechtsbijstand heeft een schriftelijke uiteenzetting gegeven. [appellant] stelt recht te hebben op een schadevergoeding van de raad. Volgens hem heeft de raad zijn aanvraag om gefinancierde rechtsbijstand in een grensoverschrijdend geschil niet op juiste wijze vertaald in het Duits, waardoor hij schade heeft geleden. In hoger beroep is in geschil of de rechtbank zich terecht onbevoegd heeft verklaard om kennis te nemen van het verzoek om de raad te veroordelen tot het betalen van een schadevergoeding. [appellant] is eigenaar van onroerend goed in Eckartsberga (Duitsland). De raad heeft op 26 mei 2020 een aanvraag van [appellant] om grensoverschrijdende rechtsbijstand voor een geschil over het onroerende goed ingediend bij het Ambtsgericht. 5. Op 5 november 2020 heeft het Amtsgericht de aanvraag afgewezen, omdat [appellant] teveel vermogen heeft om in aanmerking te komen voor gefinancierde rechtsbijstand.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
