ECLI:NL:RVS:2024:2359
Raad van State · 12-06-2024 · zaaknummer 202304791/1/V2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 1 juni 2023 heeft de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid een aanvraag van de vreemdeling om hem een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, niet in behandeling genomen. De vreemdeling is een Pakistaanse man en behoort tot de ahmadi’s. Aanhangers van deze religieuze stroming vormen een minderheid in Pakistan en kunnen daar worden blootgesteld aan discriminatie en vervolging. De staatssecretaris heeft de asielaanvraag van de vreemdeling niet in behandeling genomen, omdat hij eerder in Oostenrijk een asielaanvraag heeft ingediend en dat land op grond van de Dublinverordening verantwoordelijk is voor zijn asielaanvraag. De vreemdeling vreest bij overdracht aan Oostenrijk echter voor indirect refoulement. Hij stelt dat de Oostenrijkse autoriteiten geen effectieve bescherming tegen vervolging bieden aan ahmadi’s en hem gedwongen zullen uitzetten naar Pakistan. Daarom vindt hij dat Nederland zijn asielaanvraag moet beoordelen. In hoger beroep is in geschil of er voor Pakistaanse ahmadi’s tussen Nederland en Oostenrijk sprake is van een evident en fundamenteel verschil in beschermingsbeleid, in de zin van de uitspraak van de Afdeling van 6 juli 2022.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
