ECLI:NL:RVS:2024:235
Raad van State · 24-01-2024 · zaaknummer 202300474/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 23 augustus 2021 heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven de aanvraag van [appellante] om een tegemoetkoming op basis van de Tijdelijke regeling financiële tegemoetkoming voor slachtoffers van geweld in de jeugdzorg afgewezen. Op 18 februari 2021 heeft [appellante] een aanvraag om een tegemoetkoming ingediend op basis van de Tijdelijke regeling. Zij stelt dat zij in de periode 1950-1955 in een kindertehuis aan de Oranje Nassaulaan in Amsterdam en in een pleeggezin verbleef waar zij slachtoffer is geworden van fysiek en psychisch geweld. De CSG heeft bij besluit van 23 augustus 2021 de aanvraag van [appellante] afgewezen. Volgens de CSG is er geen objectieve informatie, zoals een voogdijregisterkaart, waaruit blijkt dat de instelling waar [appellante] verbleef een instelling is in de zin van de Tijdelijke regeling. Ook is bij de CSG niet gebleken dat [appellante] onder de verantwoordelijkheid van de overheid bij een pleeggezin is geplaatst. De rechtbank is van oordeel dat de CSG voldoende onderzoek heeft gedaan en terecht heeft besloten dat onvoldoende aannemelijk is dat [appellante] onder verantwoordelijkheid van de overheid in een instelling of een pleeggezin is geplaatst.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
