ECLI:NL:RVS:2024:1632
Raad van State · 17-04-2024 · zaaknummer 202300550/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 10 mei 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen de voorschotten zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag aan [appellante] voor het berekeningsjaar 2020 herzien. [appellante] woont sinds 2017 op een tussenverdieping in hetzelfde pand als haar broer [naam broer van appellante]. [broer van appellante] is eigenaar van het pand. Tot januari 2020 woonde ook de toenmalige partner van [broer van appellante] in het pand en was zij zijn fiscale partner. Toen de partner van [broer van appellante] is verhuisd, heeft de dienst [appellante] en [broer van appellante] aangemerkt als toeslagpartners. [appellante] is daartegen in bezwaar gekomen. De dienst heeft uiteindelijk aannemelijk geacht dat [broer van appellante] de verhuurder is van [appellante] en niet haar toeslagpartner. [appellante] heeft de dienst in de bezwaarschriften van 14 juli 2021 verzocht om een vergoeding van de werkelijke kosten voor het indienen van bezwaar over 2020 en 2021.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
