ECLI:NL:RVS:2024:1480
Raad van State · 10-04-2024 · zaaknummer 202305260/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 2 maart 2021 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het verzoek tot herziening van de definitieve berekening van het kindgebonden budget over 2014 afgewezen. [appellante] heeft in het jaar 2014 kindgebonden budget ontvangen. Omdat het (gezamenlijke) toetsingsinkomen van [appellante] en haar toeslagpartner zoals opgenomen in de Basisregistratie inkomen is gewijzigd heeft de Belastingdienst/Toeslagen het kindgebonden budget over 2014 opnieuw berekend. Omdat het (gezamenlijke) toetsingsinkomen te hoog was, heeft de Belastingdienst/Toeslagen het kindgebonden budget vastgesteld op nihil. Daarom moest [appellante] € 906,00 aan te veel ontvangen kindgebonden budget over 2014 terugbetalen. [appellante] is van mening dat het (gezamenlijke) toetsingsinkomen in de Bri verkeerd is. Zij heeft daarom verzocht om herziening van de definitieve berekening van het kindgebonden budget over 2014. Dit heeft de Belastingdienst/Toeslagen afgewezen, omdat hij moet uitgaan van het in de Bri opgenomen inkomen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
