ECLI:NL:RVS:2023:734
Raad van State · 22-02-2023 · zaaknummer 202200676/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 13 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam een verzoek om toekennen van een dwangsom wegens niet tijdig beslissen op een aanvraag van [appellant] afgewezen. Bij besluit van 13 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam het verzoek van [appellant] om toekennen van een dwangsom afgewezen omdat de ingebrekestelling onredelijk laat is ingediend. Op 7 november 2018 heeft [appellant] een verzoek tot wijziging van gegevens in de basisregistratie personen ingediend. Bij brief van 2 april 2020 heeft [appellant] het college een ingebrekestelling verstuurd wegens niet tijdig beslissen op dit verzoek. Bij besluit van 13 mei 2020 heeft het college het verzoek van [appellant] om toekennen van een dwangsom afgewezen omdat de ingebrekestelling onredelijk laat is ingediend. Bij besluit van 21 juli 2020 heeft het college het bezwaar van [appellant] ongegrond verklaard.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
