ECLI:NL:RVS:2023:4781
Raad van State · 20-12-2023 · zaaknummer 202203425/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 19 mei 2022 heeft de burgemeester van Rotterdam. aan [appellant] een huisverbod opgelegd voor de duur van tien dagen. [appellant] woont samen met zijn echtgenote en hun kinderen. Op 19 mei 2022 was er een incident in hun woning en is de politie ter plaatse gekomen. [appellant] zou zijn echtgenote hebben mishandeld en bedreigd met een mes. De burgemeester heeft uit de feiten en omstandigheden afgeleid dat de aanwezigheid van [appellant] in de woning ernstig en onmiddellijk gevaar oplevert voor de veiligheid van zijn echtgenote en de inwonende kinderen, of een ernstig vermoeden van dit gevaar bestaat. Hij heeft daarom aan [appellant] een huisverbod opgelegd voor de duur van tien dagen. De burgemeester heeft het huisverbod vervolgens verlengd voor de duur van achttien dagen, omdat de situatie nog niet voldoende was gestabiliseerd en nog geen veiligheidsafspraken waren gemaakt. Bij mondelinge uitspraak van 30 mei 2022 heeft de rechtbank geoordeeld dat de burgemeester bevoegd was tot het opleggen van het huisverbod.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
