ECLI:NL:RVS:2023:4776
Raad van State · 20-12-2023 · zaaknummer 202103550/2/R3
Inhoudsindicatie
Bij uitspraak van 13 september 2023, ECLI:NL:RVS:2023:3468, heeft de Afdeling het onderzoek in de zaak heropend ter voorbereiding van een nadere uitspraak over de gevorderde schadevergoeding vanwege overschrijding van de redelijke termijn. [verzoeker A] en [verzoeker B] hebben bij brief van 5 juli 2023 verzocht om vergoeding van schade in verband met overschrijding van de redelijke termijn, als bedoeld in artikel 6 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden. Het college van burgemeester en wethouders van Almelo heeft het bezwaar van [verzoeker A] tegen het besluit van 17 juli 2018 op 29 augustus 2018 ontvangen. Het college heeft op 5 april 2019 op dat bezwaar beslist. De rechtbank heeft het daartegen door [verzoeker A] en [verzoeker B] gezamenlijk ingestelde beroep op 16 mei 2019 ontvangen. De rechtbank heeft bij uitspraak van 23 april 2021 op het beroep beslist. De Afdeling heeft het door het college ingestelde hoger beroep ontvangen op 3 juni 2021. Het door [verzoeker A] en [verzoeker B] gezamenlijk ingestelde incidenteel hoger beroep is ontvangen op 11 november 2021. De Afdeling heeft bij uitspraak van 13 september 2023 op het hoger beroep beslist.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
