ECLI:NL:RVS:2023:4259
Raad van State · 15-11-2023 · zaaknummer 202300646/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 20 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Almere een aanvraag van [appellante] om een urgentieverklaring afgewezen. [appellante] heeft op 19 april 2020 een urgentieverklaring aangevraagd voor zichzelf en haar op dat moment twee minderjarige dochters, omdat zij na een echtscheiding dakloos was geworden. Verder heeft [appellante] last van psychische en lichamelijke klachten, waaronder een posttraumatische stressstoornis en adenomyose. In februari 2022 heeft [appellante], tijdens de hogerberoepsprocedure bij de Afdeling, een woning geaccepteerd aan de [locatie] in Almere. [appellante] stelt dat zij de woning heeft geaccepteerd uit nood, maar dat de woning niet voldoet. Dit vanwege haar medische toestand en omdat zij haar twee dochters daar niet behoorlijk kan huisvesten.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
