ECLI:NL:RVS:2023:4230
Raad van State · 15-11-2023 · zaaknummer 202200907/1/R2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 24 november 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Loon op Zand besloten tot invordering van door [wederpartij] verbeurde dwangsommen van in totaal € 15.000,00. Aan de [locatie] in De Moer is een agrarisch (pluimvee)bedrijf gevestigd, dat door [wederpartij] en zijn broer (Maatschap [wederpartij]) wordt geëxploiteerd. Op dit perceel bevindt zich onder meer een bedrijfswoning. Op 14 augustus 2018 is door de toezichthouder geconstateerd dat de bedrijfswoning sinds mei 2017 wordt gehuurd en bewoond door een persoon die geen binding heeft met het agrarisch bedrijf. Bij besluit van 19 februari 2019 heeft het college [wederpartij] gelast om het in strijd met artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het geldende bestemmingsplan "Buitengebied 2011" bewonen van de bedrijfswoning behorend bij het agrarisch bedrijf aan de [locatie] als burgerwoning te staken, op verbeurte van een dwangsom van € 1.500,00 per week, met een maximum van € 15.000,00. In de uitspraak van 8 mei 2020 heeft de rechtbank geoordeeld dat het bewonen van de bedrijfswoning door de bewoner in strijd is met het bestemmingsplan.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
