ECLI:NL:RVS:2023:4031
Raad van State · 01-11-2023 · zaaknummer 202104586/1/R4
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 26 februari 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Tubbergen besloten over te gaan tot invordering van een door [appellant] verbeurde dwangsom van € 15.000,00. [appellant] heeft in de nazomer van 2019 een woning, bestemd voor bewoning door zijn dochter, aan de [locatie] in Tubbergen verbouwd. Bij besluit van 6 september 2019 heeft het college aan [appellant] een last onder dwangsom opgelegd om te bewerkstelligen dat [appellant] de op 5 september 2019 stilgelegde sloopwerkzaamheden, waarbij in strijd met de asbestregels asbesthoudend materiaal werd verwijderd, zou beëindigen en beëindigd zou houden. De last houdt in dat [appellant] allereerst de asbestsaneringswerkzaamheden dient te laten uitvoeren door een bedrijf dat daarvoor gecertificeerd is. [appellant] betoogt dat geen sprake is van een overtreding van de asbestregels en dat de rechtbank dit niet heeft onderkend. [appellant] stelt het asbest te hebben verwijderd, omdat hij dat als particulier mag.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
