ECLI:NL:RVS:2023:1897
Raad van State · 16-05-2023 · zaaknummer 202206886/1/A3 en 202206886/2/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 18 juni 2021 heeft het CAK het verzoek van [verzoekster] om verwijdering van haar persoonsgegevens op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming afgewezen. [verzoekster] is erkend als ‘gemoedsbezwaarde’ voor de Zorgverzekeringswet. Zij is daarom ontheven van de verzekeringsplicht. In plaats van premie betaalt [verzoekster] een bijdragevervangende belasting. Deze belasting wordt gestort op de rekening van het CAK. [verzoekster] heeft het CAK verzocht om het opgebouwde spaartegoed aan haar terug te betalen. Het CAK heeft de brief opgevat als een verzoek om verwijdering van persoonsgegevens op grond van de AVG. Bij het besluit van 18 juni 2021 heeft het CAK dit verzoek afgewezen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
