ECLI:NL:RVS:2023:1661
Raad van State · 26-04-2023 · zaaknummer 202203112/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 29 mei 2020 heeft de Belastingdienst/Toeslagen een eerdere definitief berekende zorgtoeslag voor [overledene] over 2014 aangepast en vastgesteld op € 1.655,00. De erven van [overledene] hebben daartegen beroep ingesteld. Zij hebben aangevoerd dat de hoogte van het inkomen van [overledene] nog niet definitief vaststaat, omdat daarover nog procedures lopen bij de inspecteur van de Belastingdienst. Daarom kon de zorgtoeslag over 2014 volgens hen niet definitief worden vastgesteld. Ook hebben zij aangevoerd dat zij in de bezwaarfase alle stukken die ten grondslag hebben gelegen aan het besluit van 29 mei 2020 hebben opgevraagd, maar niet alle stukken hebben gekregen. Zij hadden ook verzocht om gehoord te worden in bezwaar, maar zijn daartoe niet in de gelegenheid gesteld. Volgens de erven van [overledene] heeft de Belastingdienst/Toeslagen hiermee in strijd gehandeld met de wettelijke regels van de Algemene wet bestuursrecht en zijn hun rechten in de bezwaarfase geschonden. Hierdoor is sprake van een premature uitspraak op het bezwaar. De rechtbank is de erven van [overledene] hierin niet gevolgd en heeft het beroep ongegrond verklaard.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
