ECLI:NL:RVS:2023:1019
Raad van State · 15-03-2023 · zaaknummer 202106031/1/A2
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 25 oktober 2019 heeft de minister van Economische Zaken en Klimaat aan [appellant] een schadevergoeding toegekend van € 6.986,08 inclusief wettelijke rente. [appellant] is sinds 2012 eigenaar van een woonboerderij uit 1935 met vrijstaande schuur met paardenstallen aan de [locatie] te [woonplaats]. De kapconstructie van de woonboerderij bestaat uit een traditioneel houten bintwerk. Op 21 december 2015 heeft [appellant] schade als gevolg van mijnbouwactiviteiten gemeld bij het Centrum Veilig Wonen. Bij besluit van 15 september 2020 heeft het Instituut in totaal een schadevergoeding toegekend van € 8.254,31. Het Instituut heeft geen schadevergoeding toegekend voor schades die identiek zijn aan de eerder door het CVW beoordeelde schades. Het Instituut heeft geen schadevergoeding toegekend voor schade 25 (schade aan de vensterbank van de woonkamer), omdat deze schade niet is veroorzaakt of verergerd door mijnbouwactiviteiten.
Advocaten
- K. Winterink
- R. Wiersum
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
