ECLI:NL:RVS:2022:565
Raad van State · 23-02-2022 · zaaknummer 202006199/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 6 mei 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Hilversum het verzoek van [appellant] om urgentie bij de toewijzing van een sociale huurwoning afgewezen. [appellant] heeft een groot deel van zijn leven in de gemeente Hilversum gewoond. Hij is in 2013 vertrokken naar Koeweit om een studie te volgen. In 2017 is hij naar Irak gegaan en daar getrouwd. In maart 2020 is [appellant] met zijn toenmalige echtgenote en zijn dochter teruggekeerd naar Nederland met de intentie om bij zijn moeder in Hilversum te gaan inwonen. Hij heeft zich op 30 maart 2020 op het adres van zijn moeder in Hilversum ingeschreven in de Basisregistratie personen en op 2 april 2020 heeft [appellant] urgentie aangevraagd. Het college heeft die aanvraag afgewezen, omdat [appellant] niet voldoet aan de voorwaarden van artikel 3.2 van de Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek 2019. Ook ziet het college in de situatie van [appellant] geen aanleiding om toepassing te geven aan de hardheidsclausule.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
