ECLI:NL:RVS:2022:52
Raad van State · 11-01-2022 · zaaknummer 202200071/2/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 5 oktober 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Heumen besloten over te gaan tot invordering van door [verzoeker] verbeurde dwangsommen. Het college heeft [verzoeker] op 6 april 2020 en 9 oktober 2020 een last onder dwangsom onderscheidenlijk een last onder bestuursdwang opgelegd wegens bodemverontreiniging op zijn perceel. Die verontreiniging is ontstaan nadat op het perceel een schuur met daarin een drugslaboratorium was afgebrand. [verzoeker] voert in beroep aan dat zich bijzondere omstandigheden voordoen die aan invordering van de verbeurde dwangsommen in de weg staan. Naar zijn mening kon hij redelijkerwijs niet (volledig) aan de last onder dwangsom voldoen omdat zijn financiële middelen daartoe niet toereikend waren en zijn bank niet bereid bleek krediet te verstrekken. Voor het uitvoeren van de last onder bestuursdwang geldt volgens [verzoeker] hetzelfde.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[verzoeker]
verzoeker · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Heumen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Heumen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
