ECLI:NL:RVS:2022:3978
Raad van State · 28-12-2022 · zaaknummer 202201322/1/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 december 2019 heeft het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen aan [appellante] een tweeledige last onder dwangsom opgelegd tot het beëindigen en beëindigd houden van de overtreding van artikel 13 van de Wet bodembescherming in samenhang met artikel 56 van het Besluit bodemkwaliteit. De overtreding bestaat uit het toepassen van grond voor de aanleg van een grondwal binnen de inrichting aan de [locatie] in Hoogezand met een kwaliteit die de achtergrondwaarde overschrijdt. In 2017 heeft op een perceel van [appellante] aan de [locatie] in Hoogezand een ontgraving plaatsgevonden. De partij grond die daarbij is vrijgekomen is gekeurd. Uit die keuring volgde dat de grond in bodemklasse ‘industrie’ valt. Deze partij grond is binnen de inrichting opgeslagen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Midden-Groningen
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
