ECLI:NL:RVS:2022:3853
Raad van State · 21-12-2022 · zaaknummer 202200790/1/V6
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 18 september 2020 heeft de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid bepaald dat [appellante] vanaf 1 december 2019 moet beginnen met het terugbetalen van een lening voor het volgen van een inburgeringscursus. De schuld bedraagt € 10.000,00 en zij moet maandelijks € 83,33 betalen. Bij brief van 20 mei 2016 heeft de minister [appellante] meegedeeld dat zij inburgeringsplichtig is en dat haar inburgeringstermijn op 3 mei 2016 is gestart. Bij een besluit van 7 mei 2020 met het opschrift "niet op tijd ingeburgerd" heeft de minister [appellante] meegedeeld dat zij tot en met 17 oktober 2019 de tijd had om aan deze plicht te voldoen, zij daarin niet is geslaagd en zij daarom een boete krijgt van € 250,00. De minister heeft daarnaast bepaald dat hij de lening die [appellante] bij de Dienst Uitvoering Onderwijs heeft afgesloten niet zal kwijtschelden en zij het geleende geld dus zal moeten terugbetalen. Op 21 juli 2020 heeft zij het inburgeringsexamen behaald. Bij het besluit van 18 september 2020 met het opschrift "terugbetalen lening" heeft de minister [appellante] vervolgens meegedeeld dat haar schuld € 10.000,00 bedraagt en zij maandelijks € 83,33 moet betalen.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
