ECLI:NL:RVS:2022:330
Raad van State · 02-02-2022 · zaaknummer 202102890/1/R1
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 17 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Venray [partij A] en [partij B] lasten onder dwangsom opgelegd wegens overtreding van onder meer artikel 13 van de Wet bodembescherming. [partij] exploiteerde in het verleden een varkenshouderij op de percelen [locatie 1]/[locatie 2] in Merselo. Toen de varkenshouderij niet genoeg inkomen meer genereerde is hij in 1997 begonnen met het inzamelen van metalen. Inmiddels heeft hij de varkenshouderij beëindigd. Van daaruit is het bedrijf uitgegroeid tot het bedrijf in zijn huidige vorm. Vanwege de overlast die [appellant] heeft ervaren door het inzamelen van de metalen heeft hij het college verzocht om handhavend op te treden. Dat heeft geresulteerd in de nu ter beoordeling voorliggende lasten onder dwangsom. Het college heeft deze lasten onder dwangsom bij besluit van 17 maart 2020 aan [partij A] en [partij B], beide gevestigd aan de [locatie 1] te Merselo, opgelegd.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
In deze zaak is een overheidspartij. De openbare publicatie koppelt een advocaat niet aan een proceszijde. Daarom staat bij de advocaat geen label "overheid" of "beide partijen": die koppeling staat niet in de bron.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
het college van burgemeester en wethouders van Venray
verweerder · overheid
Overheidspartijen
het college van burgemeester en wethouders van Venray
verweerder
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
