ECLI:NL:RVS:2022:2929
Raad van State · 12-10-2022 · zaaknummer 202102826/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 2 mei 2019 heeft de korpschef van politie geweigerd [appellant] toestemming te verlenen voor het verrichten van beveiligingswerkzaamheden. [appellant] wil beveiligingswerkzaamheden verrichten voor [bedrijf]. Dit bedrijf heeft de korpschef hier toestemming voor gevraagd overeenkomstig artikel 7, tweede lid, van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus. De korpschef heeft de aanvraag afgewezen op grond van artikel 7, vierde lid, van de Wpbr en paragraaf 2.3, onder c, van de Beleidsregels particuliere beveiligingsorganisatie en recherchebureaus. Vanaf het besluit op bezwaar golden nieuwe Beleidsregels en was de aan paragraaf 2.3, onder c, gelijke paragraaf 3.3, onder b, van de nieuwe Beleidsregels (hierna: de b-grond) van toepassing.
Rechters
Advocaten
- E. Yilmaz
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
