ECLI:NL:RVS:2022:2620
Raad van State · 07-09-2022 · zaaknummer 202107832/1/A3
Inhoudsindicatie
Bij besluit van 30 maart 2020 heeft het college van burgemeester en wethouders van Den Haag geweigerd [appellant] een ontheffing te verlenen van het verbod op het rijden met motorvoertuigen op de begraafplaats Westduin. [appellant], geboren in 1938, bezoekt al meer dan 45 jaar regelmatig de gemeentelijke begraafplaats Westduin, waar zijn ouders, zus en echtgenote begraven liggen. Hierbij reed hij met zijn auto de begraafplaats op. Sinds 1 januari 2020 is de Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen voor de gemeente Den Haag 2016 gewijzigd en is het, ingevolge artikel 4, eerste lid, aanhef en onder f van de Verordening, niet meer toegestaan om met motorvoertuigen op de begraafplaats te komen. De reden hiervoor is dat er door de grote hoeveelheid auto’s op de begraafplaats overlast en onveilige situaties ontstonden. [appellant] voert aan dat de rechtbank heeft miskend dat aan de weigering om hem een ontheffing te verlenen geen redelijke belangenafweging ten grondslag ligt.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
